Naar de inhoud
Inburgering Nu
Videolessen
Examens
Uitleg
Woordgames
Prijzen
Inloggen
Gratis beginnen
Nederlandse woorden
4153 woorden met betekenis, lidwoord de/het, voorbeeldzinnen en uitspraak.
Woord zoeken
Alle
A1
939
A2
1767
B1
1447
Per letter
A
B
C
D
E
F
G
H
I
J
K
L
M
N
O
P
Q
R
S
T
U
V
W
X
Y
Z
Beginnend met B
75 woorden
Filters wissen
de
baan
job
·
zelfstandig naamwoord
A1
de
baas
boss
·
zelfstandig naamwoord
A1
baby
·
zelfstandig naamwoord
A1
bath
·
zelfstandig naamwoord
A1
baker; bakery
·
zelfstandig naamwoord
A1
ball
·
zelfstandig naamwoord
A1
banana
·
zelfstandig naamwoord
A1
afraid, scared
·
bijvoeglijk naamwoord
A1
sofa; bank
·
zelfstandig naamwoord
A1
primary school
·
zelfstandig naamwoord
A1
bed
·
zelfstandig naamwoord
A1
thanks
·
tussenwerpsel
A1
leg
·
zelfstandig naamwoord
A1
beginning
·
zelfstandig naamwoord
A1
to begin, to start
·
werkwoord
A1
mug, cup
·
zelfstandig naamwoord
A1
bell, doorbell
·
zelfstandig naamwoord
A1
important
·
bijvoeglijk naamwoord
A1
to call, to phone; to ring
·
werkwoord
A1
downstairs, below
·
bijwoord
A1
petrol
·
zelfstandig naamwoord
A1
message
·
zelfstandig naamwoord
A1
profession
·
zelfstandig naamwoord
A1
to pay
·
werkwoord
A1
to mean
·
werkwoord
A1
better
·
bijvoeglijk naamwoord
A1
to get better, to recover
·
uitdrukking
A1
busy, occupied
·
bijvoeglijk naamwoord
A1
visit, visitors
·
zelfstandig naamwoord
A1
delivery person
·
zelfstandig naamwoord
A1
1 / 3
de
baby
het
bad
de
bakker
de
bal
de
banaan
bang
de
bank
de
basisschool
het
bed
bedankt
het
been
het
begin
beginnen
de
beker
de
bel
belangrijk
bellen
beneden
de
benzine
het
bericht
het
beroep
betalen
betekenen
beter
beter worden
bezig
het
bezoek
de
bezorger
Volgende