zelfstandig naamwoord · het-woord · A1 · veelgebruikt
het bad
Wat betekent “bad”?
Meervoud: de baden

Betekenis
- Engels
- bath
Dit woord krijgt “het”.
Voorbeeldzinnen
- De baby gaat in bad.The baby is having a bath.
- Ons huis heeft geen bad, alleen een douche.Our house has no bath, only a shower.
- Ze ligt in bad en rust.She is lying in the bath and relaxing.
Oefen dit woord met een game
Een korte woordquiz met de 332 woorden over Wonen.