zelfstandig naamwoord · de-woord · A1
de fietser
Wat betekent “fietser”?
Meervoud: de fietsersLettergrepen: fiet·ser
Betekenis
- Engels
- cyclist
Dit woord krijgt “de”.
Voorbeeldzinnen
- In Nederland zijn er veel fietsers.There are a lot of cyclists in the Netherlands.
- Kijk uit voor de fietsers!Watch out for the cyclists!
Oefen dit woord met een game
Een korte woordquiz met de 271 woorden over Verkeer en reizen.