zelfstandig naamwoord · het-woord · A1 · veelgebruikt
het koekje
Wat betekent “koekje”?
Meervoud: de koekjesLettergrepen: koek·je
Betekenis
- Engels
- biscuit
Dit woord krijgt “het”.
Voorbeeldzinnen
- Wil je een koekje bij de koffie?Would you like a biscuit with your coffee?
- Mijn oma bakt lekkere koekjes.My grandma bakes tasty biscuits.
- Wil hij een koekje?Does he want a biscuit?
Oefen dit woord met een game
Een korte woordquiz met de 300 woorden over Eten en drinken.